Start jaarlijkse toetsen om verschillen in registraties persoonsgegevens te voorkomen

De Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvIG) start binnenkort met jaarlijkse synchroniciteitstoetsen. Dit is de derde stap uit het plan om de synchroniciteit van de GBA-V (GBA Verstrekkingsvoorziening) structureel te verbeteren. In ons digitale magazine de IDee, editie 6, heeft u hierover al kunnen lezen. Ook zijn de BRP-contactpersonen van gemeenten hierover al geïnfomeerd.

Uit controles bij herindelingen van gemeenten, verandering van leverancier van de Burgerzakenapplicatie en incidenten in het GBA-berichtenverkeer, blijkt dat de persoonsgegevens in de GBA-V bijna altijd gelijk (synchroon) zijn aan de gegevens van gemeenten (de Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens) en die in de RNI (Registratie niet-ingezetenen). Toch ontstaan er soms situaties waarbij dit niet het geval is. En dan kan het voorkomen dat een burger een aanslag voor de gemeentebelastingen ontvangt van een gemeente waar deze persoon inmiddels niet meer woont. Dat willen we als overheid natuurlijk voorkomen. Daarom gaat RvIG jaarlijks controleren op dit soort verschillen tussen de genoemde databases met persoonsgegevens. Deze controle noemen we een synchroniciteitstoets. Daar gaan we dit jaar mee starten.  

Voor de nieuwe jaarlijkse toetsen is ook de medewerking van de gemeenten nodig. Met elke gemeente wordt elk jaar een toets uitgevoerd.

Wat vragen wij van gemeenten?

Uiterlijk 4 weken vóór de datum waarop wij de synchroniciteitstoets met uw gemeente willen uitvoeren, nemen wij telefonisch contact op met de BRP-contactpersoon. Op dat moment ontvangt u ook de informatie die voor u van belang is voor het uitvoeren van de synchroniciteitstoets. U moet namelijk een bestand aanmaken (de synchroniciteitsselectie) en dat naar ons sturen. Het gaat hier om een bestaande functionaliteit. Wij vergelijken de persoonsgegevens in dat bestand vervolgens met die in de GBA-V en u ontvangt een rapportage met de verschillen. Daarna worden de verschillen gezamenlijk opgelost.

Omdat we na de verkiezingen (dus na 20 maart 2019) starten, komen niet alle gemeenten dit jaar aan de beurt. Daarom wordt een aantal gemeenten ook veel later in het jaar benaderd.