Persoon kan reisdocument niet overleggen
Wat kun je vinden op deze pagina?
Bij de aanvraag van een reisdocument dient een aanvrager (persoon) alle Nederlandse reisdocumenten die op zijn naam gesteld zijn en verondersteld in bezit te zijn ter inzage te overleggen, ongeacht een verstreken geldigheidsduur. Bij deze handeling kan het voor komen dat een persoon aan geeft een reisdocument niet te kunnen tonen. Hierbij zijn verschillende situaties mogelijk en van toepassing. Beoordeel welke van de op deze pagina beschreven situaties van toepassing is en doorloop de bijbehorende procedure.
De wettelijke grondslag voor de verplichting van de aanvrager om op naam gestelde reisdocumenten ter inzage te overleggen is Artikel 29 Paspoortwet en Artikel 18 Wet op de Nederlandse identiteitskaart.
De wettelijke grondslag voor de verplichting om reisdocumenten bij uitreiking van het nieuwe reisdocument in te leveren/te onttrekken is Artikel 32 Paspoortwet en Artikel 20 Wet op de Nederlandse identiteitskaart.
Persoon geeft aan dat reisdocument vermist is
Als de persoon aan geeft dat het reisdocument kwijt, vermist of gestolen is, dient de procedure Persoon meldt vermissing reisdocument worden gevolgd.
Persoon geeft aan dat reisdocument is ingehouden door bevoegde autoriteit
Als de persoon aan geeft dat het is ingehouden door een bevoegde autoriteit en hier bewijs voor kan overleggen, dient de procedure Persoon meldt inhouding reisdocument door bevoegde autoriteit worden gevolgd.
Persoon geeft aan dat het reisdocument al is ingeleverd bij een (andere) autoriteit van afgifte
Het kan voorkomen dat een onttrekking in het verleden (nog) niet of niet juist geregistreerd is. Daarom is een beoordeling van de situatie nodig.
Handelingen
- Doe onderzoek naar de situatie en probeer te achterhalen of het reisdocument inderdaad eerder is ingehouden. Hiervoor kunnen verschillende methoden worden ingezet:
- Gebruik Opvragen reisdocumentinformatie en zoek en vind gegevens over het reisdocumenten van de persoon in het Basisregister reisdocumenten. Als de persoon een nieuwer reisdocument (van dezelfde soort) in bezit heeft, is het aannemelijk dat het betreffende reisdocument bij de uitreiking van het nieuwere reisdocument al is onttrokken.
- Vraag eventueel informatie/een bevestiging van inname op bij de autoriteit van afgifte waarvan de persoon aan geeft dat het reisdocument is ingeleverd en/of de autoriteit die een eventueel nieuwer reisdocument heeft uitgereikt.
- Beoordeel of de bewering van de persoon aannemelijk is. Hierbij kunnen twee situaties zich voor doen.
- Situatie A: Bewering is wel aannemelijk.
- Gebruik Meldingregistratie en registreer de onttrekking volgens onderstaande registratie procedure.
- Situatie B: Persoon is niet aannemelijk
- Situatie A: Bewering is wel aannemelijk.
Registratie procedure bij situatie A (bewering aannemelijk)
- Registreer de definitieve onttrekking.
- Melding: reisdocument is definitief onttrokken (RDO)
- Reden: reisdocument is eerder ingeleverd bij een andere autoriteit van afgifte (REIA).
- Datum reden: de (achterhaalde of vermoedelijke) datum waarop het reisdocument is onttrokken door de vorige autoriteit van afgifte.
- Werk de BRP/PIVA bij als de melding een reisdocument van een ingezetene betreft.
- Registreer een I bij het reisdocument in de BRP/PIVA, of
- Stuur een C3 met notificatie van onttrekking naar de gemeente/land/openbaar lichaam van inschrijving van de houder ter verwerking in de BRP/PIVA.
Persoon kan geen aannemelijke verklaring geven
Als de persoon géén aannemelijke reden kan geven waarom het reisdocument niet ter inzage kan worden overlegd, dient de procedure Persoon meldt vermissing reisdocument worden gevolgd. Laat de persoon in de verklaring van vermissing (C2) de situatie beschrijven.