Overslaan en naar de inhoud gaan

Vraag en antwoord categorie 04 Nationaliteit

Op deze pagina vind je informatie over categorie 04 nationaliteit.

A: Vreemde nationaliteit naast de Nederlandse nationaliteit

De vreemde nationaliteit wordt niet opgenomen: HUP 6.2.1. In deze situatie moet je wel onderzoeken of de Nederlandse nationaliteit niet verloren is gegaan. De Nederlandse nationaliteit wordt in onderzoek gezet.

Nee, dit mag niet. Als de Nederlandse nationaliteit op een persoonslijst is geregistreerd, mogen er geen gegevens meer over andere nationaliteiten worden vastgelegd: HUP 6.2.1. 

B: Ingangsdatum geldigheid (element 85.10)

De ingangsdatum geldigheid bij het ontlenen van een buitenlandse nationaliteit aan een paspoort is onbekend. In die situatie neem je in rubriek 04.85.10 de standaardwaarde op: HUP 6.2.2.

Als de datum ingang geldigheid en de reden van verkrijging kunnen worden bepaald op grond van de Nederlandse nationaliteitswetgeving (zie tabel 37), neem je die datum op in rubriek 04.85.10 en de code die bij de reden verkrijging hoort in rubriek 04.63.10: HUP 6.2.1.  

In rubriek 04.85.10 vermeld je alleen de werkelijke datum als je deze datum door toepassing van de nationaliteitswetgeving van dat land of aan een brondocument, kunt ontlenen. 
Als de registratie van de vreemde nationaliteit hervat wordt bij het verlies van de Nederlandse nationaliteit, wordt de datum waarop betrokkene de Nederlandse nationaliteit verloren heeft in rubriek 04.85.10 vermeld. Bij de vreemde nationaliteit is de code in rubriek 04.63.10 altijd 301 Vaststelling bezit vreemde nationaliteit: HUP 6.2.2. 
 

In rubriek 04.85.10 neem je de standaardwaarde op. Als de gegevens worden opgenomen in het kader van het aanleggen van een persoonslijst vanwege geboorte kan ook de geboortedatum in rubriek 04.85.10 opgenomen worden. 
Als de registratie van de onbekende nationaliteit hervat wordt bij het verlies van de Nederlandse nationaliteit, wordt de datum waarop betrokkene de Nederlandse nationaliteit verloren heeft, in rubriek 04.85.10 vermeld. Bij de onbekende nationaliteit neem je in rubriek 04.63.10 altijd de code 311 Vaststelling onbekende nationaliteit op: HUP 6.2.3.
 

In rubriek 04.85.10 vermeld je alleen de werkelijke datum als je die aan de overgelegde brondocumenten kunt ontlenen. Als dat niet kan, neem je in rubriek 04.85.10 de standaardwaarde op. Bij staatloosheid neem je in rubriek 04.63.10 altijd code 312 Vaststelling staatloosheid op: HUP 6.2.4.

In rubriek 04.85.10 vermeld je alleen de werkelijke datum als je deze datum door toepassing van de nationaliteitswetgeving van dat land of aan een brondocument, kunt ontlenen. 
In deze situatie neem je in rubriek 04.85.10 de standaardwaarde op: HUP 6.2.2. en 6.2.3. 
 

C: Element 63.10 reden opname nationaliteit

Ja. Als deze niet bekend zijn en niet blijken uit de overgelegde brondocumenten of uit de nationaliteitswetgeving, neem je standaardwaarden op: HUP 6.2.1.

Bij een correctie ontstaat historie met de indicatie Onjuist (hoofdstuk 3 ‘Actualiseren' in het LO). Als bij een actualisering of correctie van gegevens geen historie aangemaakt wordt, is dit expliciet vermeld bij de betreffende actualiseringsprocedure. Met ingang van LO3.9 zijn de volgende procedures waarin dit werd vermeld, vervallen:
•    3.5.10 Wijziging in reden verkrijging en 
•    3.5.11 Wijziging in reden verlies. 

De volgende procedures waarin die vermelding niet voorkomt, zijn toegevoegd:
•    3.5.4 Wijziging in de reden opnemen nationaliteit en
•    3.5.5 Wijziging in de reden beëindigen nationaliteit. 

Bij deze laatst toegevoegde procedures is de vermelding dat de wijziging niet tot historie leidt dus niet opgenomen. De aanname dat de elementen 63.10 en 64.10 administratieve gegevens zijn en er daarom geen historie wordt aangemaakt is dus niet correct. Het zijn administratieve gegevens waarbij wel historie aangemaakt moet worden: HUP 6.2.13 en 6.2.14.
 

Ja, dat mag. Het verdient aanbeveling om deze groep in te vullen als de nationaliteitsgegevens ontleend zijn aan, of afgeleid zijn uit een document. Groep 82 is geen verplicht gegeven: HUP 6.2.1.

Ja, dit moet. Bij een niet-Nederlandse nationaliteit is de standaardwaarde in rubriek 04.63.10 niet toegestaan. Door deze correctie ontstaat historie. Er zijn 3 codes mogelijk:
•    Bij een vreemde nationaliteit neem je in rubriek 04.63.10 code 301 Vaststelling bezit vreemde nationaliteit op: HUP 6.2.2.
•    Bij de onbekende nationaliteit neem je in rubriek 04.63.10 code 311 Vaststelling onbekende nationaliteit op: HUP 6.2.3.
•    Bij staatloosheid neem je in rubriek 04.63.10 code 312 Vaststelling staatloosheid op: HUP 6.2.4.

Je neemt de indicatie Onjuist op in element 84.10 van de categorie die door deze procedure historisch wordt: HUP 6.2.13.

        

D: Brondocumenten

Ja, het gaat om gegevens die bij de conversie van PK naar PL zijn opgenomen. Dit is toegestaan volgens het toenmalige conversievoorschrift. Bij de conversie was veel meer toegestaan dan het geval is in de bijhouding. Voor zowel rubriek 04.63.10 als ook voor rubriek 04.85.10 gold dat of de werkelijke code en datum of de standaardwaarde gebruikt mocht worden. Ook ‘vreemde’ combinaties zijn correct: bijvoorbeeld rubriek 04.63.10 is gevuld met een code en in rubriek 04.85.10 is de standaardwaarde opgenomen of omgekeerd.

Nee, de burger moet die documenten overleggen en de gemeente moet aan de hand van brondocumenten alle feiten opnieuw vaststellen.

Ja, als de gegevens ontleend zijn aan een KB, heb je het KB nodig om de code in rubriek 04.63.10 te kunnen corrigeren. Je zoekt het KB in het archief op of je vraagt het KB op bij een andere gemeente of bij het Ministerie van Justitie en Veiligheid IND nationaliteitenregister@ind.nl  (als de bewaartermijn verstreken is). Op grond van de inhoud van het KB wordt bepaald welke code in rubriek 04.63.10 moet worden opgenomen: HUP 6.2.13.

Nee, dat mag niet. De PIVA PL is geen brondocument voor de gegevens in categorie 04. Voor het opnemen van een nationaliteit moeten andere brondocumenten gebruikt worden: HUP 6.2.1, 6.2.2, 6.2.3. en 7.21.3.1.

De gemeente neemt de gegevens op aan de hand van de overgelegde brondocumenten of met toepassing van de betreffende nationaliteitswetgeving. Als brondocumenten ontbreken en de nationaliteit niet op grond van nationaliteitswetgeving kan worden opgenomen, vraagt de gemeente een mededeling artikel 2.17 Wet BRP bij de IND op. De gemeente neemt in dat geval de nationaliteit op die op de mededeling van de IND staat: HUP 3.4.2, 6.2.2. en 6.2.3.

Nee, dat mag niet. De kopie PK is sinds de inwerkingtreding van de Wet BRP op 06-01-2014 geen brondocument meer waaraan je gegevens voor de BRP mag ontlenen. Voor het opnemen van een nationaliteit moeten andere brondocumenten gebruikt worden: HUP 6.2.1, 6.2.2. en 6.2.3.

E: Mededeling artikel 2.17 Wet BRP

Nee, dat is niet toegestaan. Slechts de gegevens uit de mededeling artikel 2.17 Wet BRP worden overgenomen: HUP 3.3.4.4, 3.4.2. en 6.2.

Ja, de gemeente is de enige instantie die dat kan doen, ook op verzoek van de burger. Het is niet de bedoeling dat gemeenten actief voor alle niet-Nederlandse inwoners met een onbekende nationaliteit en/of onbekende geboortedatum een mededeling artikel 2.17 Wet BRP opvragen: HUP 3.3.4.4, 3.4.2. en 6.2.

In zo’n geval neem je contact op met de IND, de IND neemt de beslissing en bepaalt welke mededeling artikel 2.17 verwerkt moet worden.

Nee, de gemeente moet dit zelf bewaken en om een nieuwe mededeling bij de IND vragen.

Je moet de nationaliteit uit de mededeling opnemen en neemt dus de onbekende nationaliteit op: HUP 3.4.2 en 6.2.

F: Onbekende nationaliteit

Kan bij de inschrijving in de BRP de nationaliteit van iemand (nog) niet worden vastgesteld, dan neem je de onbekende nationaliteit op. De wettelijke grondslag hiervoor is te vinden in artikel 2.15, derde lid, van de Wet BRP. Je moet melding maken van de omstandigheid dat de nationaliteit niet kan worden vastgesteld. Dit doe je dus door de onbekende nationaliteit op te nemen: HUP 6.2. en 6.2.3.

Hoewel categorie 04 geen verplichte categorie is, wordt sinds november 2018 geadviseerd om categorie 04 altijd op te nemen. 
Kan bij de inschrijving in de BRP de nationaliteit van iemand (nog) niet worden vastgesteld, dan neem je de onbekende nationaliteit op. De wettelijke grondslag hiervoor is te vinden in artikel 2.15, derde lid, van de Wet BRP. Je moet melding maken van de omstandigheid dat de nationaliteit niet kan worden vastgesteld. Dit doe je dus door de onbekende nationaliteit op te nemen: HUP 6.2. en 6.2.3.
 

Als de nationaliteit bekend wordt, beëindig je de onbekende nationaliteit door opneming van een ‘lege’ categorie met in rubriek 04.64.10 code 411 Ongedaan maken onbekende nationaliteit. De ingangsdatum geldigheid in rubriek 04.85.10 van deze ‘lege’ categorie is de datum waarop je kennis hebt genomen van de staatloosheid. De door deze procedure historisch geworden categorie wordt niet voorzien van de indicatie Onjuist: HUP 6.2.10.
Staatloosheid neem je op met in rubriek 04.63.10 code 312 Vaststelling staatloosheid en afhankelijk van het brondocument neem je in rubriek 04.85.10 de standaardwaarde op of een werkelijke datum: HUP 6.2.4.
 

De huidige actuele categorie 04 wordt onjuist verklaard. Je neemt in dezelfde stapel een nieuwe categorie 04 op waarin de onbekende nationaliteit weer wordt opgenomen. In rubriek 04.85.10 wordt de ingangsdatum geldigheid overgenomen uit de onjuist verklaarde categorie. In rubriek 04.63.10 wordt de code 311 Vaststelling onbekende nationaliteit opgenomen. De oorspronkelijke categorie met de verkrijging van de onbekende nationaliteit wordt niet onjuist.
 

G: Opnemen EU-persoonsnummer

Als je een EU-persoonsnummer toevoegt, neem je dat nummer op in de actuele categorie 04 waarin de betrokken nationaliteit is opgenomen. Daarbij wijzigt ook de datum in rubriek 04.86.10 in de datum waarop je het EU-persoonsnummer opneemt. De gegevens in de overige groepen wijzigen niet. Er ontstaat geen historie bij het opnemen van een EU-persoonsnummer: HUP 6.2.20.        

Als het nummer bij de eerste inschrijving bekend is, moet je dat dan opnemen. Je mag ook later nog een EU-persoonsnummer opnemen, elke gelegenheid die je hebt om een EU-persoonsnummer alsnog te registreren moet je aangrijpen om dat te doen: HUP 6.2.20.

Bij het registreren van een EU-persoonsnummer neem je het nummer op zoals het op het document vermeld staat, inclusief leestekens. Als het nummer met een ID-scanner geregistreerd wordt, hoeven de leestekens niet handmatig toegevoegd te worden. De leestekens hebben geen invloed op het resultaat bij het stellen van de Presentievraag : HUP 6.2.20, LO BSN paragraaf II.3.1. (overzicht Waarschuwingen persoonsnummer) en: 
- RvIG website: Persoonsnummers op EU documenten
- Prado
 

H: Verlies Nederlandse nationaliteit

In de bestaande stapel met de Nederlandse nationaliteit neem je een nieuwe actuele categorie op met in rubriek 04.64.10 de code van het beëindigen van de Nederlandse nationaliteit volgens tabel 37 en in rubriek 04.85.10 de datum waarop betrokkene de Nederlandse nationaliteit heeft verloren: HUP 6.2.8. 

In iedere categorie waarin een vreemde dan wel de onbekende nationaliteit is opgenomen, waarvan de bijhouding eerder werd beëindigd met code 404, wordt de registratie hervat op de datum van het verlies van de Nederlandse nationaliteit. De in rubriek 04.63.10 op te nemen code is 301 Vaststelling bezit vreemde nationaliteit of 311 Vaststelling onbekende nationaliteit en de in rubriek 04.85.10 op te nemen datum is de datum waarop betrokkene de Nederlandse nationaliteit heeft verloren: HUP 6.2.2. en 6.2.3. 
    Zodra de registratie hervat is, zijn voor elke nationaliteit de volgende situaties mogelijk:
1.    Je weet zeker dat betrokkene nog in het bezit is van de vreemde nationaliteit. Je hoeft geen verdere actie te ondernemen.
2.    Je weet zeker dat betrokkene de vreemde nationaliteit heeft verloren. Je voert dan een correctie uit. Daarbij leg je het verlies van de vreemde nationaliteit vast per de datum van dat verlies. In de categorie waarin het hervatten van de bijhouding nationaliteit tot uitdrukking is gebracht (met in element 85.10 de datum verlies Nederlanderschap), neem je in element 84.10 de indicatie Onjuist op.
3.    Het is niet direct duidelijk of betrokkene nog in het bezit is van de vreemde nationaliteit. Betrokkene kan de nationaliteit van rechtswege verloren hebben of hij kan afstand gedaan hebben. Je zet de zojuist opgenomen categorie 04 dan in onderzoek en onderzoekt wat er met de betrokken nationaliteit aan de hand is.

Als uit het onderzoek blijkt dat de persoon nog wel in het bezit is van de betrokken nationaliteit, sluit je het onderzoek af.

Als uit het onderzoek blijkt dat betrokkene niet meer in het bezit is van deze vreemde nationaliteit, sluit je het onderzoek af en voer je een correctie uit. Daarbij leg je het verlies van de vreemde nationaliteit vast per de datum van dat verlies. In de categorie waarin het hervatten van de bijhouding nationaliteit tot uitdrukking is gebracht (met in element 85.10 de datum verlies Nederlanderschap), neem je in element 84.10 de indicatie Onjuist op.

In alle andere situaties, bijvoorbeeld als er zowel sprake is van verlies als van herkrijging van de vreemde nationaliteit, moet deze correctie in meerdere stappen worden uitgevoerd. Zowel het verlies als de herkrijging moet uit de gegevens in de betrokken categorie blijken.
 

In de stapel van de Nederlandse nationaliteit vindt een correctie plaats. In rubriek 04.64.10 wordt de code opgenomen op grond waarvan betrokkene de Nederlandse nationaliteit verloren heeft volgens tabel 37. In rubriek 04.85.10 wordt de datum opgenomen waarop betrokkene de Nederlandse nationaliteit verkregen heeft. In element 84.10 van de categorie die door deze procedure historisch wordt, neem je de indicatie Onjuist op: HUP 6.2.8.

Er vindt een correctie plaats. De persoon wordt geacht nooit Nederlander te zijn geweest. Als de persoon de betrokken nationaliteit niet heeft verloren of er geen afstand van heeft gedaan neem je het bezit van de vreemde nationaliteit weer op met in rubriek 04.63.10 code 301 Vaststelling bezit vreemde nationaliteit of 311 Vaststelling onbekende nationaliteit. In rubriek 04.85.10 neem je de ingangsdatum geldigheid van de categorie op waarin de beëindiging van de bijhouding is vastgelegd met code 404 in rubriek 54.64.10. In element 84.10 van die categorie, die door deze procedure historisch wordt, neem je de indicatie Onjuist op: HUP 6.2.2 en 6.2.3. De daar onderliggende, meest historische categorie met de oorspronkelijke verkrijging van de nationaliteit, wordt niet voorzien van de indicatie Onjuist.

Ook als wordt vastgesteld dat de persoon niet meer in het bezit is van de vreemde en/of onbekende nationaliteit, moet een correctie plaatsvinden. Je neemt een actuele categorie op met in rubriek 04.63.10 de code 401 Verlies vreemde nationaliteit of 411 Ongedaan maken onbekende nationaliteit. In rubriek 04.85.10 neem je de datum op waarop de vreemde nationaliteit is verloren of er geen sprake meer is van de onbekende nationaliteit. De categorie waarin de beëindiging van de bijhouding is vastgelegd met code 404 in rubriek 54.64.10, wordt daarbij historisch. In element 84.10 van die categorie neem je de indicatie Onjuist op.
Als blijkt dat de persoon de betrokken vreemde nationaliteit op enig moment herkregen heeft, moet je dat uiteraard ook registeren.

I: Beëindiging registratie (niet Nederlandse) nationaliteit

De registratie van de vreemde of onbekende nationaliteit wordt per datum verkrijging van de Nederlandse nationaliteit beëindigd. In de stapel met de vreemde of onbekende nationaliteit wordt een nieuwe ‘lege’ categorie opgenomen met in rubriek 04.64.10 code 404 Beëindiging registratie (niet Nederlandse) nationaliteit en in rubriek 04.85.10 de geboortedatum: HUP 6.2.7. 
De categorie die daarbij historisch wordt, wordt NIET onjuist gemaakt. De procedure Correctie van ten onrechte opgenomen gegevens wordt NIET uitgevoerd. Een terecht of onterecht opgenomen vreemde nationaliteit of het verlies van een vreemde nationaliteit van rechtswege wordt NIET geactualiseerd of gecorrigeerd als de bijhouding van gegevens over de vreemde nationaliteit(en) is beëindigd met code 404 Beëindiging registratie (niet Nederlandse) nationaliteit in rubriek 04.64.10 bij verkrijging of vaststelling van de Nederlandse nationaliteit: HUP 6.2.7.
 

Nee, nadat de bijhouding van de registratie van een nationaliteit is beëindigd, mag in deze stapel niet meer worden geactualiseerd of gecorrigeerd. Dit mag ook niet wanneer na de datum beëindiging registratie een document wordt overgelegd waaruit blijkt dat afstand van die nationaliteit is gedaan (ongeacht of de datum op de afstandsverklaring vóór of na datum beëindiging ligt): HUP 6.2.7.

Bij de invoering van LO 3.9 op 31-01-2015 is de bijhouding van gegevens over alle vreemde nationaliteiten die voorkwamen naast de Nederlandse nationaliteit beëindigd. Daarbij zijn categorieën 04 ontstaan met code 404 Beëindiging registratie (niet Nederlandse) nationaliteit in rubriek 04.63.10 en datum 31-01-2015 in rubriek 04.85.10: LO3.9.

 

J: Categorie 10 (verblijfstitel)

Ja, dat moet de gemeente zelf doen. De IND kan voor betrokkene geen Og11-bericht meer sturen om dit te bewerkstelligen, omdat de IND niet geautoriseerd is Og11-berichten te sturen voor personen met de Nederlandse nationaliteit: HUP 6.5.2.
    De gemeente moet een actualisering uitvoeren als de datum ingang geldigheid in rubriek 10.85.10 voor de datum van het verkrijgen van het Nederlanderschap ligt en een correctie als de datum in rubriek 10.85.10 op of na die datum ligt. Als er nog oudere categorieën 60 voorkomen waarin in rubriek 60.85.10 een datum is opgenomen die op of na de datum van het verkrijgen van het Nederlanderschap ligt, moet ook in die categorieën de indicatie Onjuist opgenomen worden. 
 

Ja, dat moet de gemeente zelf doen. De IND kan voor betrokkene geen Og11-bericht meer sturen om dit te bewerkstelligen, omdat de IND niet geautoriseerd is Og11-berichten te sturen voor personen met de Nederlandse nationaliteit: HUP 6.5.2.
    De gemeente moet een actualisering uitvoeren als de datum ingang geldigheid in rubriek 10.85.10 voor de datum van het verkrijgen van het Nederlanderschap ligt en een correctie als de datum in rubriek 10.85.10 op of na die datum ligt. Als er nog oudere categorieën 60 voorkomen waarin in rubriek 60.85.10 een datum is opgenomen die op of na de datum van het verkrijgen van het Nederlanderschap ligt, moet ook in die categorieën de indicatie Onjuist opgenomen worden.
 

K: Algemeen

Nee, deze codes zijn vervallen.
Als iemand ‘Behandeld als Nederlander’ is, staat de code ‘B’ in rubriek 04.65.10. 
Als iemand ‘Vastgesteld niet-Nederlander’ is, dan staat code ‘V’ in rubriek 04.65.10: HUP 6.2.5 en 6.2.6.
 

Als iemand ‘Behandeld als Nederlander’ is, staat de code ‘B’ in rubriek 04.65.10. Er mogen dan geen gegevens over andere nationaliteiten voorkomen waarvan de bijhouding niet is beëindigd.
Als iemand ‘Vastgesteld niet-Nederlander’ is, dan staat code ‘V’ in rubriek 04.65.10. Deze code kan nooit voorkomen naast de actuele Nederlandse nationaliteit, maar wel naast vreemde nationaliteiten: HUP 6.2.5 en 6.2.6.
 

Je kunt bij niet-Nederlanders meerdere buitenlandse nationaliteiten opnemen in de BRP. In de beschreven situatie vindt een actualisering plaats en neem je de andere vreemde nationaliteit in een aparte stapel op: HUP 6.2.2.

Ja, alle gegevens over een en dezelfde nationaliteit worden in een en dezelfde stapel van categorie 04 geregistreerd: HUP 6.2.2.

De categorie waarin de vervallen nationaliteit is opgenomen wordt geactualiseerd. In de categorie 04 die daarbij ontstaat wordt in rubriek 04.64.10 Reden beëindiging nationaliteit de code 403 Vervallen vreemde nationaliteit opgenomen en in rubriek 04.85.10 de datum van het vervallen van de nationaliteit volgens tabel 32: HUP 6.2.18.
Als de nieuwe nationaliteit van de betrokken persoon bekend is, wordt de nieuwe nationaliteit in een nieuwe stapel opgenomen. De datum ingang geldigheid moet vastgesteld worden aan de hand van de betrokken nationaliteitswetgevingen of op grond van een brondocument. Die datum kan na de datum van het vervallen van de betrokken nationaliteit liggen: HUP 6.2.2 en 6.2.18.
Als de nieuwe nationaliteit van de betrokken persoon (nog) niet bekend is of na de datum van het vervallen van de betrokken nationaliteit ligt, dan moet er een nieuwe stapel nationaliteit opgenomen worden met de onbekende nationaliteit met ingang van de datum van het vervallen van de nationaliteit volgens tabel 32: HUP 6.2.3 en 6.2.18.
 

Een niet in Portugal geboren kind van een Portugese vader en/of moeder kan de Portugese nationaliteit alleen verkrijgen door registratie bij de Portugese autoriteiten op verzoek van de ouders.  De verkrijging van de Portugese nationaliteit werkt in dit geval terug tot de geboortedatum. In de tussentijd neem je de onbekende nationaliteit op in categorie 04 Nationaliteit op de persoonslijst van het kind. Uit artikel 2.15, derde lid, van de Wet BRP volgt immers dat de omstandigheid dat de nationaliteit niet kan worden vastgesteld, moet worden opgenomen op de persoonslijst: HUP 6.2. 
Zodra een document wordt overgelegd waaruit het bezit van de Portugese nationaliteit blijkt, wordt de onbekende nationaliteit beëindigd (zie voor deze procedure V&A F03: HUP 6.2.2).
 

De laatste woongemeente is verantwoordelijk voor de inhoud van de PL en moet de RNI verzoeken om dit te corrigeren. Voor de correctie moet het wijzigingsformulier in de KWM worden ingediend: HUP 4.6. 

Ja, maar dat mag alleen als het bij de fout om gegevens gaat die bij een rechtsfeit horen dat voor de datum van overlijden plaatsvond: HUP 6.2.13 t/m 6.2.16.

L: Ten onrechte opgenomen nationaliteit

De huidige actuele categorie 04 wordt onjuist verklaard. Je neemt in dezelfde stapel een nieuwe categorie 04 op waarin de nationaliteit uit de onderliggende, al bij het vastleggen van het ten onrechte opgenomen zijn, onjuist verklaarde categorie weer opgenomen wordt. In rubriek 04.63.10 neem je de code 301 op. In rubriek 04.85.10 wordt de standaardwaarde opgenomen: HUP 6.2. 

Deze situatie doet zich ook voor als het verlies van het Nederlanderschap terugwerkt tot de datum van verkrijging. Zie hiervoor V&A H04.
 

Scroll naar boven