Procedure voor signalerende instanties Register paspoortsignaleringen

Direct nadat iemand in het Register paspoortsignaleringen (RPS) is opgenomen, kan het paspoort worden ingehouden of worden geweigerd bij aanvraag. Een persoon in het RPS kan geen bezwaar of beroep aantekenen tegen de opname in het RPS, maar wel een overeenstemmingsprocedure starten om een (tijdelijk) paspoort te verkrijgen.

Verzoek tot opname in Register paspoortsignaleringen

De signalerende instantie stuurt een verzoek tot opname in het RPS aan RvIG. Direct nadat iemand in het RPS is opgenomen, kan het paspoort worden ingehouden of worden geweigerd bij aanvraag.

Wat u meestuurt bij de opnameverzoek RPS

In principe hoeft er bij een verzoek tot opname in het Register paspoortsignaleringen bijna nooit een dossier naar RvIG meegestuurd te worden. De verantwoording voor de dossiervorming en –bewaring ligt bij de indienende instantie.

Een uitzondering is het signaleringsverzoek ‘Informatieverstrekking’ (art 24b Paspoortwet). Hierbij moet wel het dossier worden meegestuurd naar RvIG.

Marginale toets RvIG

RvIG voert eerst een marginale toetsing uit voor zij personen opneemt in het RPS. De marginale toets houdt in dat bekeken wordt of het verzoek voldoet aan de voorwaarden van artikel 25 PW. RvIG beslist dus niet over de redenen zelf. De verzoekende instantie, bijvoorbeeld het Openbaar Ministerie, is de autoriteit bij wie de gronden voor de signalering in het RPS bestaan.

Verwerking signalering in BRP

Mutaties in het RPS (opname of verwijdering van een gesignaleerd persoon) worden dagelijks naar de woongemeente gestuurd via het berichtenverkeer van de Basisregistratie Personen (BRP). Daarnaast ontvangen alle gemeenten en andere paspoortuitgevende instanties maandelijks een volledige lijst met alle gesignaleerde personen. De verzending naar de gemeenten gebeurt in beide gevallen in de vorm van een vrij bericht (Vb01).

Werkwijze na ontvangst vrij bericht

Gemeenten voeren na ontvangst van een vrij bericht de volgende stappen uit:

  • Verwerk de inhoud van het vrij bericht in categorie 12 op de betreffende persoonslijst in de BRP;
  • Check bij aanvragen voor een nieuw reisdocument in de BRP of de aanvrager gesignaleerd staat. Is dat het geval, neem dan contact op met RvIG;
  • Check bij vestiging vanuit het buitenland in de maandelijkse volledige lijst of de persoon gesignaleerd staat in het RPS. De signalering wordt in de BRP verwerkt.

Zwaarwegend belang

De opname van een persoon in het RPS betekent niet dat een paspoort moet worden geweigerd. Wordt er een paspoort verstrekt, dan moet de aanvrager wel een zwaarwegend belang hebben om te reizen, bijvoorbeeld ziekte of overlijden van een naaste. En de persoon moet dit zwaarwegende belang kunnen bewijzen met schriftelijke stukken, bijvoorbeeld een akte van overlijden of een medische verklaring. Het aantonen van het zwaarwegend belang kan met een overeenstemmingsprocedure.

Overeenstemmingsprocedure

De overeenstemmingsprocedure houdt in dat iemand die is opgenomen in het RPS, in overeenstemming komt met de signalerende instantie met als doel een (tijdelijk en/of territoriaal beperkt) paspoort te verkrijgen.

Iemand die gesignaleerd is  kan verzoeken om de beslissing tot weigering van een paspoort, aan te houden. De aanvrager heeft 2 weken de tijd om zijn verzoek schriftelijk in te dienen. En de aanvrager heeft 8 weken de tijd om (mogelijk) tot overeenstemming te komen met de signalerende instantie.

Beheer Register paspoortsignaleringen

De Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvIG) beheert namens de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) het RPS. Dat gebeurt op grond van artikel 25 van de Paspoortwet, waarin staat dat de verzoeken naar de minister gestuurd moeten worden. De verzoeken kunnen zijn:

  • opname
  • handhaving
  • opheffing